Literaire bouwstenen: Tantes

'Tantes' is een bourgeoisroman van Cyriel Buysse over macht, onmogelijke liefde, geld en verraad. Dit zijn de perfecte ingrediënten voor een meeslepend en onderhoudend verhaal. Dankzij de subtiele humor en het sappige dialect heb je het boek uit voor je er erg in hebt.
De auteur (Cyriel Buysse) gebruikt geen pseudoniem en maakt in de tekst ook geen gebruik van een implied author.
Zoals je kan zien is de cover heel simpel, het weerspiegeld het typische rustieke landschap van het begin van de 20ste eeuw.
'Tantes' is een zeer duidelijke titel die verwijst naar de macht die de drie oude tantes hebben over de familie. Zij beheren het familiefortuin.
Het boek beschrijft perfect de cultuurhistorische context van het begin van de 20ste eeuw. Het weerspiegelt de gewoontes en tradities van die tijd, de typische hiërarchie binnen de rijke families.
'Tantes is een fabel dat begint ab uovo. Je maakt eerst uitgebreid kennis met de personnages en hun karakters voor het verhaal echt begint. En dit doet Cyriel Buysse als de beste, hij doet de personnages echt tot leven komen uit het boek. Het verhaal heeft een cyclische opbouw, het start met de problematische situatie met de tantes en daar eindigt het ook mee. Er is sprake van een gesloten einde als het gaat over de liefdeshistoriek tussen Adrienne en Raymond, Adrienne wordt namelijk gek en hun relatie is daarmee voorbij. Toch zou je kunnen zeggen dat het boek ook een open einde heeft. De jongste zus Clara besluit namelijk niet langer gebukt te gaan onder het bewind van de oude tantes. Wat er verder met haar gebeurt, daar heb je als lezer het raden naar.
De verteller is hier extern heterodiëgetisch, hij is niet zichtbaar aanwezig in het verhaal. Het lijkt eerder zichzelf te vertellen. Je krijgt slechts een beperkte kijk op het verhaal en hebt het raden naar de afloop.
De abstracte motieven in dit verhaal zijn geld, macht en verraad, je zou het grondmotief dus kunnen samenvatten als een onmogelijke liefde door de machtsrelatie binnen families.
De meeste personages in het boek zijn vlakke, statische personages. De enige personages die wel vol en dynamisch zijn, zijn de hoofdpersonages Adrienne en Raymond. Zij maken doorheen het verhaal een evolutie mee. Raymond veranderd van een echte ruige vrijgezel naar een romantische ziel. Adrienne daarentegen evolueert van een brave meid naar iemand die tegen haar familie wil ingaan voor de liefde. Er is in het boek nog een personage dat evolueert en dat is Edméé, de jongste zus van de familie Dufour. Zij besluit op het einde ook om in te gaan tegen de tantes, ook al kost dit haar erfenis.
Verder maakt Cyriel Buysse ook gebruik van heel wat vlakke, statische personages die het verhaal vormgeven: Manse, Tieltje, Vreesken, Emlie, de Verstratjes ...
Het verhaal speelt zich af in het begin van de 20ste eeuw, dit is de historische tijd. De vertelde tijd of leestijd kunnen we uitdrukken in 123 pagina's.
Er is sprake van een chronologisch tijdsverloop en een tijdsversnelling. Het verhaal duurt meer dan een jaar, maar het duurt slechts enkele uren om het boek te lezen.
Het verhaal speelt zich in België, in de hogere sociale kringen. De sfeerscheppende ruimte zijn de grote, kille gebouwen waarin de nichtjes en de tantes leven. Deze kille ruimte is een weerspiegeling van de eenzaamheid waarin de dames leven. Buysse maakt enorm vaak gebruik van stereotypes in het boek. Hij brengt de lezer via de beschreven ruimte helemaal in de historische tijd waarin het verhaal zich afspeelt. Op deze manier is het erg gemakkelijk om je in het verhaal in te leven.
De ruimte heeft in dit verhaal verschillende functies. Ze staat in dienst van de compositie van het verhaal en bepaalt mee de centrale betekenis van de roman maar karakteriseert ook de personages in het verhaal.
Er is sprake van een spanningsopbouw naar het einde van het verhaal toe. Zullen Adrienne en Raymond eindelijk samen en zijn? Wat zullen de tantes hiervan zeggen? Er wordt een bepaald verwachtingspatroon opgebouwd dat op het einde van het verhaal plots helemaal omslaat.
Het verhaal is in het Nederlands geschreven maar er wordt ook veel gebruik gemaakt van het Frans en dialect. Dit taalgebruik roept een bepaalde sfeer op. Deze vloeit perfect samen met de stijl van het verhaal: de koetsen, de dienstmeiden, het paardrijden, de invloed van de pastoor en de kerk en de paus…
'Tantes' is een verhaal dat enorm vlot leest. Het is goed geschreven en Buysse maakt af en toe gebruik van een speciale soort humor die hem zo typeert als auteur. De personages worden uitgebreid beschreven qua uiterlijk en levensloop maar worden minder uitgediept qua karakter. Enkel Raymond en Adrienne worden gedetailleerd weergegeven in het boek.
Het enige wat mij tegenviel was het feit dat Adrienne gek werd, dit leek mij nogal extreem en ongeloofwaardig. Het is natuurlijk wel typisch aan Cyriel Buysse om niet voor het voorspelbare gesloten einde te kiezen.
Mijn analyse van ‘Tantes’ door Cyriel Buysse is duidelijk niet zwart-wit. Volgens mij is er in bepaalde contexten een samenvoeging van verklaringen mogelijk. Het verhaal is niet zuiver maar ik hoop dat mijn argumentatie toch enige duidelijkheid schept in dit narratologische labyrinth.
Krantenartikel: Verfilming 'Tantes' van Cyriel Buysse

